Presentatoren
Henry Schut
Annechien Steenhuizen
Lucella Carasso
Dominique van der Heyde
Rene van Brakel
Willemijn Hoebert
Rik van de Westelaken
Bert van Slooten
Rob Trip
Peter Kuipers Munneke
Roos Moggré
Astrid Kersseboom
Tom Egbers
Milouska Meulens
Marcel Oosten
Sjoerd van Ramshorst
Joris Marseille
Jeroen Overbeek
Marco Verhoef
Tamara Seur
Rivkah op het Veld
Lara Rense
Gerrit Hiemstra
Jeroen Stomphorst
Joost Karhof
Herman van der Zandt
Dionne Stax
Tim Overdiek
Simone Weimans
Dione de Graaff
Mariëlle Tweebeeke
Toine van Peperstraten
Jack van Gelder
Marco Verhoef
Marco Verhoefs roots liggen in het weer. Hij begon in 1995 bij het KNMI en kwam vervolgens, via Weathernews, in 2009 bij Infoplaza terecht. Vanuit deze bedrijven is hij sinds 2004 actief als presentator van het weer op de televisie. Daarin komen volgens Verhoef verschillende dingen samen. Een weerpresentator moet volgens hem verstand hebben van het weer, maar daar ook wat over kunnen vertellen. Verhoef vindt het belangrijk om dat op een journalistieke manier te doen. Hij wil naar boven halen wat belangrijk is in het weer en dat overbrengen. Het is volgens hem niet voldoende een simpele chronologische opsomming te geven van wat het weer gaat doen.
Ook zoekt Verhoef steeds naar wat belangrijk is voor zijn doelgroep. Soms zijn dat vakantiegangers, soms de mensen die de volgende ochtend in de file staan. Deze journalistieke benadering van het weer speelt, wat zijn werk betreft, al vanaf het begin een grote rol. In eerste instantie betrof het weerberichten maken voor de geschreven pers (landelijke dagbladen), al snel gevolgd door regionale radio (Radio M), de Wereldomroep en voor de NOS op Radio1. Sinds 2004 is Marco Verhoef ook op televisie te zien.
Mijn rol als presentator?
‘Ik moet als weerpresentator een goed weerbericht brengen. Dat betekent dat het meteorologisch moet kloppen, maar ook dat het in het kader van de verschillende NOS Journaals moet passen en bij het algemene publiek begrijpelijk over moet komen. ’
Mijn hoogtepunt?
‘Bij extreem weer is presenteren het meest dankbaar. Bijzonder blijft natuurlijk altijd die eerste keer. ’