Jan de Jong: wiens markt verstoort de publieke omroep nu eigenlijk?

Vorige week schreven hoodfredacteuren en directieleden van mediabedrijven een brandbrief aan staatssecretaris Dekker van OCW. Ze beklaagden zich daarin over de in hun ogen oneerlijke concurrentie van de publieke omroep, en in het bijzonder van de NOS, in het digitale domein. Algemeen directeur Jan de Jong van de NOS reageert vandaag in de NRC met een brief, getiteld: 'Kies uw vijanden zorgvuldig'. Hieronder de originele versie:

"De kwaliteit van de journalistiek in Nederland staat onder druk. Kwaliteit kost geld, en in tijden van crisis is geld een schaars goed. Jaar na jaar is er minder emplooi voor journalisten. Zij die werk hebben moeten veel en vooral snel produceren. Pluriformiteit van de pers wordt langzamerhand een onbetaalbare luxe.

Vorige week stuurden diverse hoofdredacteuren en directieleden van mediabedrijven een brandbrief aan de staatssecretaris van OCW over de in hun ogen oneerlijke concurrentie van de publieke omroep (en in het bijzonder de NOS) in het digitale domein.De roep vanuit de kranten om een level playing field is goed te begrijpen. De gedrukte nieuwsmedia zitten immers in zwaar weer. Abonnees lopen weg, de leestijd per lezer daalt flink en de adverteerder keert hen de rug toe. Maar ze richten hun pijlen ten onrechte op de NOS. Het doet denken aan de auto-industrie die de trein ter discussie stelt omdat de autoverkopen tegenvallen. Of frisdrankproducenten die het gratis drinkwater aan banden willen leggen. De kunsthandel die af wil van gesubsidieerde musea.

Kwaliteit
De NOS is voor veel Nederlanders de belangrijkste nieuwsbron. Als grootste journalistieke organisatie in Nederland ligt de kwaliteit van de nieuwsvoorziening ons na aan het hart. Dat is voor de NOS belangrijker dan het zoveel mogelijk opkrikken van ons bereik. Het onderscheid tussen NOS.nl en andere nieuwssites is onmiskenbaar. Onze website is niet ‘page view driven’ maar ‘relevance driven’. Wij willen hoogwaardige journalistiek bedrijven en verhalen vertellen die ertoe doen.

De Telegraaf heeft per maand 700 miljoen pageviews. Nu.nl zelfs meer dan 1 miljard. Daarmee scoren zij hoger dan de NOS. Deze cijfers geven aan dat consumenten meerdere sites bezoeken. Verschillende sites voldoen aan uiteenlopende behoeften van het publiek en zitten elkaar dan ook niet in de weg. Bovendien stijgt het internetgebruik in Nederland nog steeds. Maand na maand.

 

Wiens markt verstoort de publieke omroep nu eigenlijk?

Rendabel
Het lukt de kranten niet om hun sites commercieel rendabel te maken. Dat heeft niets met de positie van de NOS te maken. Er komen voldoende bezoekers maar men slaagt er niet in om bezoek om te zetten in geld. Dit is een wereldwijd probleem van de krantenindustrie. De transitie naar rendabele nieuwssites is een moeizame. Er is geen werkend business model voor de middellange termijn. De Belgische krantengoeroe Christian van Thillo, hoogste baas van de Persgroep, beaamde het vorige week nog. Nergens ter wereld wordt door kranten op internet structureel geld verdiend. Ook niet in landen waar men geen of een kleine publieke omroep heeft. De perceptie van de consument is nu eenmaal dat nieuws vrij beschikbaar is. De krantenwereld heeft hier zelf aan meegewerkt door gratis kranten zoals Spits en Metro te gaan aanbieden. Vooralsnog is de consument op het internet niet bereid te betalen voor nieuws. Het geld moet nog steeds verdiend worden met advertenties.

De inkomsten uit advertenties in de traditionele krant dalen echter zo snel dat de stijging van online revenuen dit niet kunnen compenseren. Het lijkt erop dat een analoge reclame-euro in het digitale tijdperk nog maar een stuiver waard is. In 2010 gingen in de Verenigde Staten maar liefst 116 kranten ter ziele. De advertentie-inkomsten voor kranten daalden daar van US$ 70 miljard in 2001 naar minder dan US$ 16 miljard in 2014. In Nederland is een vergelijkbare trend gaande.

Kleine speler
De websites van de Nederlandse publieke omroep genereren alles bij elkaar slechts een paar miljoen euro aan reclame-inkomsten. Op de reclamemarkt is NOS.nl dan ook een zeer kleine speler. Bovendien zijn we terughoudend met reclame op onze site. Wij benutten bij lange na niet onze wettelijke ruimte. Partijen als de Telegraaf, AD of Nu.nl halen veel meer geld uit de online reclamemarkt dan de NOS. Hun werkelijke concurrenten zijn Google en Facebook. Die twee partijen zijn jaarlijks alleen al in Nederland goed voor bijna 1 miljard euro aan advertentie-inkomsten.

Zelfs al zou de NOS in het geheel niet actief zijn op het internet, dan lost dat voor de kranten hoegenaamd niets op. Niet in bezoekcijfers en al helemaal niet in termen van geld. En is het succes van internet juist niet dat iedereen (hetzij als bezoeker, hetzij als content provider) zich er kan manifesteren?

In 1989 haalde de Ster per jaar 200 miljoen euro uit de reclamemarkt. We zijn nu 26 jaar later en 8 commerciële tv-zenders (4 van RTL, 3 van SBS en 1 van FOX) verder. In die periode is de groei in de reclamemarkt, ruim 800 miljoen euro, volledig ten goede gekomen aan commerciële partijen. Wiens markt verstoort de publieke omroep nu eigenlijk?

Mediawet
In 2008 heeft de Tweede Kamer een nieuwe mediawet aangenomen. Uitgangspunt van deze herziene wet is platformneutraliteit. Dat wil zeggen dat de NOS hetgeen zij op radio en televisie brengt, ook op internet en mobiel mag brengen. Dat doet zij dan ook; niets meer en niets minder. Wel zo logisch: zonder toegang tot deze platforms zou de rol van de publieke omroep in het medialandschap snel marginaliseren, met name onder jongeren. Sommige commerciële partijen zouden dat maar wat graag zien gebeuren. Wij niet. En het publiek ook niet.

In heel Europa staan publieke omroepen flink onder druk. In Nederland wordt er maar liefst 250 miljoen euro op bezuinigd. Er wordt flink gediscussieerd over de breedte van het programma-aanbod. Maar nergens gaat het over de nieuwsvoorziening. Hoe groot of klein, smal of breed de publieke omroep in een land ook is, overal wordt het brengen van nieuws als een kerntaak gezien. Een luis in de pels van de wetgevende en uitvoerende macht zou een basisvoorziening moeten zijn in iedere democratie. De publieke omroep heeft daarin steeds meer een onmisbare rol. Wie de nieuwsfunctie van de publieke omroep ter discussie stelt, wil in feite geen publieke omroep.

Dan zijn we met de kwaliteit van de nieuwsvoorziening nog veel verder van huis."

Jan de Jong
Algemeen Directeur NOS

Reacties

Plaats een reactie