Taal- & tikfouten en suggesties

De NOS-redactie volgt voor de spelling de website spellingsite.nu. Die is opgezet door Het Genootschap Onze Taal (de motor achter de vroegere Witte Spelling). Op die website is Wit dichter bij Groen gekomen (in het Groene Boekje staat de officiële spelling van de Taalunie). Toch staat er bij sommige woorden een ‘alternatief’ genoemd en dat is gebaseerd op de inzichten van het Witte Boekje. Als sympathisant van Wit volgt de NOS die alternatieve spelling. Zo schrijven we dna met kleine letters (net als cfk) en niet DNA, zoals de officiële regels voorschrijven.

Daarnaast zijn er interne taal- en stijlafspraken. Zo hanteren wij in de uitzendingen zo veel mogelijk vlotte en alledaagse spreektaal. Daarbij houden wij rekening met woorden en uitdrukkingen die hier zijn ingeburgerd en die voor kijkers, luisteraars en lezers vertrouwd klinken. Een voorbeeld: het woord ‘piloot’. Uit kringen van de luchtvaart komt soms de klacht dat dat ‘gezagvoerder’ of ‘verkeersvlieger’ moet zijn. Dat mag strikt genomen zo zijn: wij richten ons op een massapubliek en dat weet onmiddellijk wat wij bedoelen als wij het over een piloot hebben, omdat dat woord in de spreektaal gangbaar is. Ook gebruiken wij soms bewust het woord ‘noodlanding’ terwijl het strikt genomen een ‘voorzorgslanding’ is. En het woord ‘zelfmoord’ zullen we eerder gebruiken dan ‘zelfdoding’, al is dat uiteraard geen verplichting. En ja, wij weten dat de zwarte doos in vliegtuigen oranje is. Maar zo heet dat ding nu eenmaal.

Andere woorden veranderen wel. Zo heten meesters en juffen op basisscholen nu leraar of leerkracht (of soms nog onderwijzer). En de verpleegster is een verpleegkundige geworden. Dat soort veranderingen volgt de NOS, maar per ongeluk zal heus nog wel eens iemand het over een verpleegster hebben. Ook voor ouderen die worden geïnterviewd is de verpleegster nog zó vertrouwd, dat het woord nog wel eens in de media langskomt. Geen doodzonde, vindt de NOS-Taalcommissie.

Taalafspraken
Zo zijn er nog meer taalafspraken bij de NOS. Wij lopen niet voorop in het gebruik van nieuwe woorden (al komen woorden als ‘zeilmeisje’ en ‘Damschreeuwer’ uit onze koker), maar wachten doorgaans even af of een nieuw woord wel ‘aanslaat’ onder taalgebruikers. Pas dan gaan we er ook in mee. De samenleving verandert en de taal verandert mee. Dat is soms wennen voor mensen die vroeger hebben geleerd ‘hoe het moet’, maar de inzichten over taalgebruik veranderen. Klein voorbeeld: vroeger was een stoplicht echt alleen het rode licht waarvoor je moet stoppen. In de woordenboeken is stoplicht allang een gewoon synoniem voor verkeerslicht. Zoals Herman Finkers het ook al lang geleden verwerkte in zijn ode aan Almelo: Eén stoplicht springt op rood, een ander weer op groen.

In twijfelgevallen raadplegen wij geregeld de deskundigen van de Taaladviesdienst van Het Genootschap Onze Taal.

15 veelgestelde taalvragen
Over taalkwesties komen vaak reacties of vragen binnen. Zoals: is het nu ‘een aantal heeft’ of ‘een aantal hebben’? Wij hebben daarom een overzichtje gemaakt van vijftien veelgestelde taalvragen. Klik op de link naar het pdf-bestand aan de rechter bovenkant van deze pagina. Misschien zit uw vraag er ook wel bij.
Zo niet, dan kunt u een e-mail sturen.

Fouten en suggesties
Op het adres tikfout@nos.nl kunt u niet alleen taal- en tikfouten doorgeven, maar ook andere - inhoudelijke -fouten. Een (tik)fout in een sportbericht geconstateerd? U kunt de redactie helpen met een mailtje aan: tikfout.sport@nos.nl.