Gerard Timmer: NOS is hart van Publieke Omroep

Geheel volgens traditie sprak algemeen directeur Gerard Timmer na de zomervakantie pers en partners van de NOS toe. Zijn speech is hieronder te lezen.

 

"Waar het voor Talpa, RTL en NPO traditie is om aan het begin van het seizoen de nieuwe programmawaar aan het publiek te tonen, is het voor de NOS traditie u vandaag te ontmoeten en te vertellen wat de NOS bezig houdt. Wij kennen namelijk geen start van een nieuw seizoen. Het gaat hier iedere dag door. Met Nieuws, Sport en Evenementen. Altijd. Overal.

Voor de buitenwereld een vanzelfsprekendheid, die echter geen vanzelfsprekendheid is en die de NOS ook kwetsbaar maakt. Daarom onze programmering en de betekenis daarvan maar weer eens onder de aandacht gebracht. Want dat gebeurt soms net iets te weinig. Zowel in Hilversum als daarbuiten. Of het wordt niet opgemerkt.

Zo melde het Parool op 16 augustus jl. dat het passend geweest zou zijn als de NOS voor de Nationale Indië-herdenking meer dan een half uurtje had ingeruimd en dat deze niet live op televisie werd uitgezonden. Een verwijt dat ons vorig jaar ook al ten deel viel, toen uit de hoek van NRC. Wat wij niet zo goed begrijpen omdat we deze herdenking al sinds 1995 live verslaan.

Wat we maken is water uit de kraan, en dat zeggen we met trots. Want niemand kan zonder water. Zo blijkt ook uit onze bereikcijfers over geheel 2018. Ondanks een ingrijpend veranderend mediagedrag hebben we zelfs een lichte stijging in ons bereik weten te realiseren, naar een bereik van ruim 13 miljoen mensen. Niet in de laatste plaats door de groei die de NOS doormaakt op social media. Het Instagram-account van NOS Nieuws steeg van 30.000 naar ruim 200.000 volgers; NOS Stories is met 500.000 volgers het grootste Nederlandse nieuws-account op Instagram; het YouTube- kanaal van het NOS Jeugdjournaal heeft vorige week de 400.000 abonnees aangetikt en is van alle Nederlandse kanalen het meest bekeken kanaal én het grootste Nederlandse níeuwsaccount op YouTube.

Ook het meest bekeken tv-moment van het afgelopen jaar had het NOS-logo in de linkerbovenhoek; de finale Nederland-Verenigde Staten van het WK Voetbal voor vrouwen werd door 5,5 miljoen en op het hoogtepunt zelfs door 6,3 miljoen mensen bekeken. En waar het EK van 2017 nog ruim 10 miljoen mensen wist te bereiken was dit toernooi goed voor een bereik van bijna 13 miljoen mensen.

In juni van dit jaar verscheen het Digital News Report van Reuters. Daaruit werd duidelijk dat de NOS de voornaamste bron is van nieuws, waarbij in alle leeftijdsgroepen het NOS Nieuws het meest wordt geraadpleegd en ook als meest betrouwbaar wordt beschouwd. En hoe triest de aanleiding ook; het werd weer eens in de praktijk duidelijk in de week van de aanslag in Utrecht. Het liveblog dat toen werd bijgehouden werd met 4,3 miljoen bezoeken het meest gelezen item van het afgelopen jaar.

Water uit de kraan. En zonder water kunnen we niet leven. Dan zou je mogen verwachten dat de beschikbaarheid daarvan, met deze rapportcijfers in een beschaafd land als het onze nooit in twijfel getrokken zou worden. En toch, is niets minder waar. Volgende week vindt in Den Haag het kamerdebat plaats over de visiebrief van het kabinet, waarin financieel onheilspellende luchten opdoemen die de programmering van de publieke omroep en ook die van de NOS hard zullen raken.

Steeds moet ik denken aan die ene passage uit het regeerakkoord; “Ruimte voor een stevige publieke omroep op alle schaalniveaus is niet langer vanzelfsprekend, maar wel nodig vanwege het veranderende medialandschap. Daar willen we aan bijdragen in de komende jaren.” Vorig jaar, op deze zelfde plek zei ik; deze uitspraak is niet gratis, kan niet gratis zijn en mag niet gratis zijn. Het is inmiddels erger. De publieke omroep krijgt er geen geld bij, het budgetniveau blijft ook niet gelijk. We leveren opnieuw wéér geld in.

In het bestuurlijk uitdagende Hilversum wordt de NOS onder aan de bezuinigingsstreep nog wel eens beschouwd als, en ik quote, ‘één van de 11 omroepen’. Die haar proportionele deel aan de bezuiniging maar moet leveren zonder ook maar één programmatitel in te leveren. Ik ben een positief ingesteld mens en beschouw de wens van de NPO aan het adres van de NOS, om ondanks opgelegde bezuinigingen, hetzelfde te blijven maken als een groot compliment. Maar zo lang de NOS wordt beschouwd als ‘één van de elf omroepen’, is dat niet realistisch. En ik heb daar dan ook maar één antwoord op. De NOS is niet één van de 11 omroepen; de NOS is het water waar we niet zonder kunnen leven, is het bloed door de aderen, is het hart van de publieke omroep. Daar past geen proportionaliteit.

Wel past daar een visie op de betekenis van nieuws, sport en evenementen, en de bijdrage daarvan aan de opdracht van de publieke omroep. Nieuws in het belang van de democratie; Sport in het belang van verbinding, de inspiratie tot sportparticipatie én het bereik van voor de publieke omroep belangrijke doelgroepen; Evenementen omdat het verhaal van het heden en verleden verteld moet blijven worden. Ik doe een beroep op de NPO om samen die handschoen op te pakken.

Maakt de brief van het kabinet de NOS dan alleen maar somber? Nee. We lezen in de brief ook erkenning. Voor de programmatische en organisatorische kracht die er uit dit huis komt. Anders kunnen we de specifieke passages die over de NOS gaan niet lezen. Zoals het voornemen om regionaal nieuws ook in de wettelijke taak van de NOS op te nemen. Graag.
Of het voornemen te onderzoeken of het mogelijk is om de NOS met haar audiovisueel materiaal een publieke en onafhankelijke basisnieuwsvoorziening te laten zijn voor de journalistieke infrastructuur. Graag.
De aanmoediging de samenwerking met de regionale omroepen te intensiveren. Graag.
De verwijzing in de brief naar de verkenning van de betekenis van het aanbod van de NOS voor private journalistieke partijen. Graag.
En de roep om te verkennen wat een bestuurlijke samenwerking met de NTR kan opleveren. Graag!

Erkenning dus. Die past bij onze huidige houding en strategie. Bij de verantwoordelijkheid die we voelen en willen uitdragen voor de journalistiek. Daar horen ook de zorgen bij om de lokale journalistiek. Die is van alle jaren. Maar aan een krachtig en gedragen plan in de journalistiek om daar een oplossing voor te bieden ontbreekt het nog altijd. In het gisteren verschenen rapport van de Raad voor Cultuur wordt gepleit voor de versterking van de lokale journalistiek en niet om het alleen in stand houden van lokale publieke omroepen. De NOS heeft voor dit alles, in de aanloop naar het kamerdebat van volgende week een suggestie. We kunnen naar het voorbeeld van BBC Local van betekenis te zijn voor die lokale journalistieke functie. Ook in samenwerking met partijen als de regio. Waar in Engeland 150 journalisten worden klaargestoomd voor lokale kwaliteitsjournalistiek kan dat in Nederland ook. En waar de content van de BBC wordt gebruikt door regionale en lokale nieuwsoutlets kan dat ook met de content van de NOS.

In de aanloop naar het kamerdebat zeg ik, maak gebruik van de kracht van de NOS. Benut overheidsfondsen die daarvoor beschikbaar zijn, en die zijn er. En ook hier geldt; wij gaan er over in gesprek. Graag!

De NOS staat een extreem bijzonder jaar te wachten. Op 5 september, 75 jaar geleden was het Dolle Dinsdag. Een datum die leidde tot emotionele taferelen in heel Nederland naar aanleiding van de berichten dat Nederland elk moment bevrijd kon worden van de Duitse bezetting. Vanaf 5 september 2019 brengen we het nieuws van toen met de technologie van nu, op een speciale website, een apart NOS Instagram-account en een speciale site van het NOS Jeugdjournaal. En vanaf 17 september de tweede serie Bevrijdingsjournaals, direct achter het Acht Uur Journaal op NPO 1. De NOS staat dus uitgebreid stil bij 75 jaar bevrijding.

En we hebben in 2020 ook de Olympische Spelen, de Paralympics, de Invictus Games en het EK Voetbal voor mannen, de Tour de France en de start van de Vuelta vanuit Utrecht. En de Amerikaanse verkiezingen komen eraan. En dan heb ik het nog niet eens over onze dagelijkse programmering aan Nieuws en Sport. Want ook die gaat gewoon door.

Niet in de laatste plaats is er het Eurovisie Songfestival 2020, een evenement met 200 miljoen kijkers. De voorbereidingen daarvan vinden plaats in ons gebouw, in een speciale ruimte. En dat doen we samen met NPO en AVROTROS. De NOS is de hostbroadcaster van dit grootse evenement en neemt de projectorganisatie die verantwoordelijk is voor het evenement en het internationale tv-signaal onder haar hoede. We beschouwen het feit dat de NPO de NOS heeft gevraagd de projectorganisatie onder haar hoede te nemen ook als een groot compliment. Sinds 20 mei zijn alle disciplines van de NOS aan de slag om het Songfestival 2020 tot een succes te maken. Wat we kunnen om de kracht die in deze organisatie zit, voortkomend uit de ervaring die we dag in dag uit opdoen met onze nieuws-, sport en evenementenprogrammering.

Wij zijn uiterst zuinig op onze ervaring. Hilversum en Den Haag, weest u daar net zo zuinig op. Op het nieuws, de sport en de evenementenberichtgeving van de NOS. Wij zijn niet één van de elf. We zijn het water waar we niet zonder kunnen, we zijn het bloed door de aderen. Wij zijn het hart van de publieke omroep."