“Sinds 9 uur hebben we niets meer van onze familie gehoord”, vertelde een Nederlandse Iraniër ons gisteren. In de vroege zaterdagochtend werd werkelijkheid waar de wereld al een paar weken rekening mee hield: de VS en Israël vielen Iran aan. Niet lang daarna sloeg Iran terug met aanvallen op Israël en doelen in de hele Golfregio.
Op de redactie van de NOS was de Israëlisch/Amerikaanse aanval het begin van een weekend vol live-uitzendingen en extra berichtgeving op alle platforms. Maar dan zonder onafhankelijke verslaggevers in Iran zelf of eigen camera’s die de situatie daar kunnen vastleggen. Hoe gaan we te werk? Wat weten we? En wat weten we niet?
Correspondent in het Midden-Oosten Daisy Mohr zei het zaterdagavond in het NOS Journaal van 20.00 uur nog maar eens: ze zou niets liever doen dan nu naar Iran reizen om daar ter plekke verslag te doen. Maar dat kan niet. Buitenlandse media komen het land al geruime nauwelijks in. En als het toch lukt, worden ze zwaar gecontroleerd. Gelukkig hebben we met Daisy een zeer ervaren correspondent, die in de afgelopen twintig jaar veelvuldig in Iran was en er goede contacten onderhoudt.
Contact met mensen in Iran is echter maar zeer beperkt mogelijk sinds gisteren kort na de eerste aanvallen zowel het internet als het telefoonverkeer grotendeels plat kwam te liggen. Net daarvoor vertelden Iraniërs nog hoe angstig ze waren door de explosies in hoofdstad Teheran. Daarna was het contact weg. Toch zijn deze sporadische getuigenissen belangrijk als bouwstenen van de berichtgeving over de situatie in het Midden-Oosten.
Bronnen
Persoonlijke verhalen zijn lang niet het enige waarmee de redactie werkt. Natuurlijk zijn er de officiële bronnen, van de legers, regeringen en staatsmedia, en de toespraken van leiders als Netanyahu en Trump. Die moeten allemaal worden gewogen en hun waarheidsgehalte kan in twijfel worden getrokken, maar bronnen zijn het. Het is belangrijk om te weten dat in Israël de persvrijheid onder druk staat, dat in Iran van persvrijheid überhaupt geen sprake is en dat ook vrije nieuwsgaring in de rest van de regio zeer problematisch is.
Maar het is ook goed te signaleren dat we in Israël wel zélf werken. Correspondent Nasrah Habiballah stelt daar zelf vragen en maakt zelf beelden. En wat we niet zelf maken nemen we over van internationale persbureaus waarvan we weten dat ze eveneens onafhankelijk werken en aan hoge kwaliteitseisen voldoen. Berichtgeving uit Israël heeft wel zijn beperkingen: het land kent formeel een systeem van militaire censuur. Media daar mogen bepaalde dingen pas publiceren als ze goedkeuring hebben daarvoor van het leger en andere feiten mogen helemaal niet openbaar worden gemaakt.
In Iran is er op dit moment helemaal geen ruimte voor onafhankelijke journalisten. In dat land zijn wij zelf momenteel niet aanwezig, en andere buitenlandse journalisten voor zover we weten evenmin. Het nieuws staat er onder controle van de staat. De staatsmedia tonen ook dit weekend alleen wat ze mogen tonen, beelden bijvoorbeeld van rouwende mensen op straat. Het enige beeld dat we hebben van blijdschap om de dood van ayathollah Khamenei, is doorgedruppeld via sociale media en komt dus van burgers of activisten. Lokale Iraanse journalisten inschakelen om beelden voor ons te maken is op dit moment levensgevaarlijk. Het mag niet en kan resulteren in hun arrestatie en flinke straffen.
Zijn beelden echt?
Dat terwijl in een oorlog als deze beeldmateriaal van groot belang is om een idee te krijgen van de gebeurtenissen en hun impact. Sommige lezers of kijkers vroegen waarom ze bepaalde video’s wel op sociale media zien, maar niet of pas veel later bij de NOS. Dat heeft alles te maken met de tijd die onze redactie neemt om alle informatie en het beeldmateriaal dat binnenkomt goed te onderzoeken.
Het materiaal dat op sociale media verschijnt, onderzoeken we zo snel mogelijk, om te kunnen vaststellen of een bepaalde foto of video wel klopt. Zodra we er zeker van zijn dat beeld daadwerkelijk iets van de situatie van vandaag laat zien, nemen we het op in onze berichtgeving op radio, tv en online.
Zo nu en dan blijkt er ook beeld tussen te zitten dat nep is of niet van vandaag of waarvan we het niet zeker genoeg weten. Onze specialist op het gebied van OSINT (feitenonderzoek op basis van open bronnen) Yorick de Vries laat weten gisteren al zo’n 30 beelden te hebben geverifieerd. Daarvan bleek de meerderheid echt, maar er zaten ook oude video’s tussen. En een handjevol gemanipuleerde satellietbeelden. Maar het werkt ook andersom: terwijl op sociale media de verwoesting van een meisjesschool in de stad Mihab in twijfel wordt getrokken, levert osint-onderzoek juist bewijs ervoor op.
Verhaal
Weten we dan nu echt wat er gebeurt in het Midden-Oosten? We kunnen veel vaststellen, over aanvallen en inslagen, over reacties en retoriek, en over de menselijke verhalen die ons tot nu toe bereiken. En wat onduidelijk is benoemen we. Want we weten ook dat we van alles (nog) niet zien. Ook kennen we nog niet de kracht van het regime na de dood van Khamenei, en we weten weinig van de machtsstrijd die zich achter de schermen ongetwijfeld afspeelt over zijn opvolging.
Daisy Mohr verwoordde het in een van haar vele livegesprekken treffend: We zien groepen Iraniërs die rouwen om Khamenei. We zien ook feestende mensen op straat. Maar hoe groot die groepen nu zijn is niet te zeggen. Hoeveel mensen er stil zijn evenmin. Het is heel moeilijk om het verhaal van Iran, van 90 miljoen mensen, nu te vertellen.”
Wilma Haan, adjunct-hoofdredacteur NOS Nieuws